‘Ieders stem telt’

‘Ieders stem telt’: G5000 van gezinnen in armoede.

Op 14 oktober 2012 vinden de verkiezingen voor gemeenten en provincies plaats. Voor de vele honderdduizenden gezinnen in Vlaanderen en Brussel die leven onder of flirten met de armoedegrens, staat er die dag veel op het spel. Want lokale besturen beschikken over heel wat hefbomen die reële verbeteringen kunnen tot stand brengen in het leven van deze bij uitstek kwetsbare gezinnen. Desondanks stellen we vast dat hun belangen maar zelden centraal staan wanneer politieke partijen naar de gunst van de kiezer dingen.

G5000

Daarom geven tal van middenveldorganisaties (met steun van de Koning Boudewijnstichting) samen vorm aan ‘Ieders stem telt’, een participatief project dat aan mensen die leven aan de onderkant van onze samenleving een megafoon biedt in aanloop naar de lokale verkiezingen van 2012. In alle luwte brachten we de afgelopen maanden zo’n 5000 onder hen samen om na te denken over maatregelen die lokale beleidsverantwoordelijken kunnen nemen in de strijd tegen armoede en sociale uitsluiting.

De resultaten van dat intensief proces – noem het een G5000 van de meest kwetsbaren uit onze samenleving – vertaalden we in een 25-tal lokale en regionale memorandums die de volgende twee weken via persacties bekendgemaakt worden aan het grote publiek. En uiteraard ook overgemaakt worden aan de lokale afdelingen van politieke partijen.

De verwachtingen ten aanzien van gemeenten en OCMW’s staan hooggespannen. Van lokale besturen durven we – als meest nabije bestuursniveau – vragen dat ze voor hun inwoners een ethische ondergrens garanderen: we vragen met andere woorden dat ze alles in het werk stellen om hun inwoners een leven in menselijke waardigheid te garanderen, zelfs indien ze hiertoe soms inspanningen moeten leveren die in wezen tot de verantwoordelijkheid van hogere overheden behoren. Lokale besturen als zorgende besturen dus, die zeker in crisistijden hun inwoners niet in de kou laten staan.

De twaalf werken

Om lokale besturen aan te moedigen het voortouw te nemen in de strijd tegen armoede en sociale uitsluiting, schuiven we – de Griekse mythologische held Herakles indachtig – 12 werken naar voor gericht naar gemeenten en OCMW’s. Die 12 werken zijn alle even noodzakelijk als uitdagend.

Een paar voorbeelden. Van OCMW’s verwachten we dat zij via het systeem van aanvullende steun gezinnen – of ze nu (over)leven van een leefloon, een ontoereikende werkloosheidsuitkering, een onbeduidend pensioen of een te laag inkomen uit arbeid – over de wetenschappelijk onderbouwde armoedegrens tillen. Sociale rechten dienen automatisch toegekend te worden en maatschappelijk werkers van OCMW’s verdienen meer ruimte om armoede en onderbescherming proactief op te sporen. Lokale besturen moeten er borg voor staan dat burgers die door de mazen van het federale en/of Vlaamse sociale vangnet vallen, nooit worden afgesloten van water, gas en/of elektriciteit. Sociale huisvestingsmaatschappijen dienen te voorkomen dat duizenden kwetsbare gezinnen na jaren opnieuw achteraan op de wachtlijst voor een sociale woning belanden, enkel en alleen omdat ze zondigden tegen een te complexe administratieve procedure. Mensen met een (te) laag inkomen die via vormen van collectief of solidair wonen de hoge woonkosten trachten te drukken, verdienen van gemeenten alle steun in plaats van sancties. Te hoge schoolfacturen mogen geen bedoelde of onbedoelde barrières vormen voor ieders recht op vrije schoolkeuze. Kinderopvang dient ook voor lagere inkomensgroepen toegankelijk te zijn. Gemeenten dienen verder alles in het werk te stellen om ook de meest kwetsbare gezinnen toe te leiden naar het lokale aanbod inzake cultuur, jeugd en sport. Ze moeten inzetten op sociale activering van werkzoekenden waarbij ‘actief zijn’ weliswaar veel ruimer wordt ingevuld dan louter een job in het reguliere circuit. De verloedering van achtergestelde wijken moet worden tegengegaan, maar zonder dat dit leidt tot verdringing van de meest kwetsbare bewoners ervan. En van lokale besturen verwachten we dat zij de nu al minimale rechten van mensen zonder papieren maximaal waarborgen: gezinnen zonder wettig verblijf verglijden immers steeds meer tot een rechteloze en verpauperde onderklasse in onze samenleving die volledig aan haar lot wordt overgelaten.

Sterke, kritische en autonome middenveldorganisaties zijn voor lokale besturen de best denkbare bondgenoten om deze twaalf werken stapsgewijs te helpen realiseren. En uiteraard dienen ook het engagement en de ervaringsdeskundigheid van maatschappelijk kwetsbare groepen zelf voluit benut te worden: voor ons geldt participatie immers als een noodzakelijk cement van onze 21ste-eeuwse lokale democratie.


Meer info vindt u op www.iedersstemtelt.be.

Geert Marrin (beleidswoordvoerder sector Samenlevingsopbouw)
Anita Cautaers (directeur CAW Federatie)
Frederic Vanhauwaert (coördinator Vlaams Netwerk van verenigingen waar armen het woord nemen)
Bert D’hondt (politiek medewerker Welzijnszorg)
Diederik Janssens (coördinator Welzijnsschakels)
Martine Van Geyt (stafmedewerker Steunpunt Algemeen Welzijnswerk/Vlaams straathoekwerk overleg)